Goes sept 2016

Goes, commissies Cultuur & Natuur, sept 2016
De stad Goes is in de tiende eeuw aan de rand van een kreek ontstaan, de Korte Gos.  Goes ligt ook op het schiereiland Zuid-Beveland, het heeft in 1405 van  Jacoba van Beieren (zie wikipedia?cv) heeft stadsrechten gekregen. Er zijn zes markten. Op de grootste, de Korenmarkt staat het 800 jaar oude gevangenkantoor. De licht gestraften zaten beneden, de zwaar gestraften boven. Hiernaast lagen de Vleeshal en de Markthal. Vervolgens komt de Kreukelmarkt waar de mosselen werden verhandeld. Ook is er de Vlasmarkt en het Bleekveld. Aan de ene zijde van de Beestenmarkt stond vroeger een klooster. Na de Reformatie is het klooster opgesplitst in een gymnasium en een brouwerij.
Op de beestenmarkt werden in de zomer ook appels verhandeld. De stadshaven werd in 1200 met de hand gegraven. In het centrum lopen ± 25 smalle straatjes (gangen) waarin de voordeuren zitten, ter voorkoming van inbraak en brand. De zeearm de Schengen is voor de aanleg van een haven afgedamd.

De rijkdom van Goes is onder meer  uit de lakennijverheid (wol) en de zoutwinning verkregen, uit veenlagen gewonnen. Na 1500 moest het  het zout uit Spanje komen, om de ondergrond weer stabiel te maken, nadat het veen was afgegraven. Vanwege de vele omliggende eilanden waren er veel beurtlijnen, met diensten naar Antwerpen, Amsterdam, Veere en de andere Zeeuwse en Zuidhollandse eilanden.
Voor de lakenindustrie werd de plant meekrap gekweekt voor de rode kleurstof alizarine en ook wel om toegeschreven medicinale werking.
Bij de haven liggen een vismarkt, een turfmarkt en een bierkade. De molen aan de haven gebruikte toen al de werking van eb en vloed. Bij vloed gingen de sluisdeuren open, zodat het water naar de boezem achter het molenhuis huis kon lopen. Bij eb liet de molen het water weer naar de haven teruglopen. Uit de vijftiende eeuw zijn nog enkele gildehuizen bewaard gebleven.
De laatgotische Grote of Maria Magdalenakerk uit 1423 (na brand herbouwd in 1621) staat in het centrum. Het is een hallenkerk: zijbeuken zijn ongeveer even hoog en breed als de middenbeuk. De kerk bestond uit vier delen. In het eerste deel, het koor, werden en worden de diensten gehouden, het tweede stuk is de traverse (dwarsbeuk of dwarsschip), in het derde lag de overdekte begraafplaats en het vierde deel was de toren (later afgebroken).
Het oude kasteel was de verblijfplaats van de Heren van Gorsleeuw en bleef in opeenvolgende families totdat de laatste nakomeling in 1961 stierf. Het kasteel wordt omringd door een park in Engelse landschapsstijl. Het kasteel is van zijn torens ontdaan. De gemeente heeft het perceel aangekocht en liet het pleisterwerk verwijderen. Hierna werd er met het pand niets gedaan. Nu hebben twee ondernemers het gekocht; zij laten het pleisterwerk terug aanbrengen en beginnen er een brouwerij.
Ad van de Pol, foto's Will van Doorn