Cultuur verslagen

Tilburg, januari 2015

In januari kunnen de temperaturen onder het vriespunt duiken en de straten door sneeuw of ijs nogal glibberig zijn. De commissie Cultuur besloot daarom voor de vriendencontactdag van 23 januari jl. een programma op te stellen dat zich grotendeels binnenkamers afspeelde. Bovendien bleven we dichtbij huis, in Tilburg.

Er is geen galerie geselecteerd of de galerie is verwijderd.

De dag begon in lunchroom de Carrousel, een markant glazen gebouw aan de Schouwburgring. Onder het genot van een lekker kopje koffie en een smakelijke punt appelgebak met slagroom hadden we een panoramisch uitzicht op het hart van Tilburg. Het oog viel vooral op de Heikese Kerk, het fraaie gebouw van de Hogeschool voor de Kunsten met de Concertzaal en de Schouwburg. Deze blikvangers vormden in zekere zin de twee pijlers van de verdere dag: enerzijds Het Rijke Roomse Leven en anderzijds veel aandacht voor kunst en cultuur.

Na de koffie maakten we een korte wandeling naar het gebouw van de Zusters van Liefde aan de Oude Dijk. Bij de entree van het voormalige klooster werden we door onze rondleidster Zuster Veerle gewezen op drie mooie glas in loodramen. Het raam links, van binnenuit gezien, beeldt de inspirator van het klooster uit: Vincentius à Paulo (1581 – 1660) die zich onvermoeibaar voor arme en eenvoudige mensen heeft ingezet. Het raam rechts geeft de heilige Jozef weer. Het middenraam is bestemd voor de oprichter van de congregatie, pastoor Joannes Zwijsen die later tot bisschop gewijd zou worden. De pastoor kijkt ons enigszins gestreng aan, maar gezien zijn wapenspreuk ‘Mansuete et fortitur’ (zachtmoedig en sterk) moeten we daar maar niet al te erg van schrikken.

Zwijsen was diep getroffen door de armoede van zijn parochianen. Naar het voorbeeld van zijn inspirator Vincentius à Paulo biedt hij vooral praktische hulp: laat soep uitdelen en zorgt voor opvang van vondelingen. Daarom haalt hij drie begijntjes uit Hoogstraten naar Tilburg en richt in 1832 de congregatie van de Zusters van Liefde op. De zusters begonnen een schooltje waar meisjes konden leren lezen, schrijven, naaien en breien. Daarnaast verzorgden de zusters bejaarden en gehandicapten en verpleegden ze zieken. Allengs kwamen er steeds meer zusters, tot in Indonesië, Brazilië en de Filippijnen aan toe.

 Aan het eind van haar rondleiding liet Zuster Veerle ons de kapel zien. Zij wees ons op de schitterende glas in loodramen van Carponnier die ook de ramen voor de kathedraal van Den Bosch ontworpen heeft. Verder verdient het altaar met het Laatste Avondmaal bijzondere aandacht. Dit prachtige tafereel van houtsnijwerk is gemaakt door de school van Pierre Cuypers. Daarna nam Zuster Delian het stokje van haar over. Zij liet ons haar ‘werkplaats’ zien. In deze ruimte waren de materialen en instrumenten tentoongesteld die de zusters voor hun werk in onderwijs of verzorging nodig hadden. Ook was te zien hoe zij door de tijd heen gehuisvest en gekleed waren.

Zuster Delian bleek een begenadigd schilderes van iconen te zijn. Ook geeft zij les in het schilderen van deze afbeeldingen. In het oorspronkelijke gedeelte van het klooster, het ‘huis met de dertien celletjes’, hangen twee iconen van haar hand. De ene icoon beeldt de geboorte van Christus uit. Zuster Delian legde ons de betekenis van de verschillende elementen uit en gaf ook blijk van haar eigenzinnige geest door niet alleen herders te schilderen, maar ook een herderinnetje. Dit om aan te geven dat ook vrouwen vanaf het begin een belangrijke rol in het christendom gespeeld hebben. De tweede icoon verbeeldt de nederdaling ter helle van de zondaars en de verrijzenis van Christus.
Na de lunch in de refter werden we getrakteerd op een zeer geslaagd concert van het duo AcZa. Dit staat voor accordeonmuziek van Cecil van den Dungen en zang van Olga de Rooij.  De dames vergastten ons op een programma in twee delen. Het eerste deel was vooral op klassieke leest geschoeid. Olga zong als slot uit de opera Carmen van Bizet de wereldberoemde Habanera. Alleen, wist u dat de Habanera helemaal niet van deze componist is? Bizet veronderstelde dat de melodie tot de volksmuziek hoorde en dat hij die daarom vrij kon gebruiken. Maar in werkelijkheid bleek zijn tijdgenoot Sebastián Yradier deze overbekende klanken gecomponeerd te hebben en moest Bizet dit in het vervolg ook als bronvermelding voor deze aria over de oiseau rebelle vermelden. Het tweede deel bestond uit liederen uit diverse volksculturen en eindigde met Amigos Para Sempre.

Voor altijd vrienden; kan het toepasselijker voor ons als vrienden van Sed Vitae? We hebben bijzonder van deze dag genoten. Jammer genoeg viel de opkomst wat tegen; maar dat is vooral spijtig voor de afwezigen die echt wat gemist hebben!  
Ina Schottert